Gerard (54) woont op een klein flatje in de Bijlmer. Gerard heeft geen werk en leeft van een uitkering. Daarnaast krijgt hij huurtoeslag. Zijn eten haalt hij voor negen euro in de week bij de Voedselbank. Hij heeft verschillende schulden.

Vandaag is een feestelijke dag. Zijn vriendin Jacoba is sinds het weekend weer terug in Nederland. Twee jaar zat ze in Suriname, konden ze alleen maar bellen en skypen. En zo lang waren ze nog niet eens samen. Ze leerden elkaar ruim vier jaar geleden kennen bij het Leger des Heils. Ze waren vrienden voordat ze een stel werden. Op een gegeven moment viel het Jacoba op hoe gul Gerard was. “Hij heeft misschien niet veel, maar wat hij heeft, dat deelt hij,” zegt Jacoba. Ze wikkelt haar dekentje tegen de Hollandse kou nog eens om zich heen.

De gezondheid van Gerard is vrij slecht. Om de drie weken krijgt hij cholesterol ingespoten. Zijn hartkleppen zijn verkalkt. Verder heeft hij heeft last van botontkalking en een evenwichtsstoornis. Zijn ogen zijn slecht. Volgens de dokter komt het allemaal door het wilde leven dat hij vroeger leidde. Gerard was tot zijn veertigste verslaafd aan cocaïne. Vanwege zijn ziektekosten heeft Gerard een dure zorgverzekering. Hij is er 130 euro in de maand aan kwijt. Voor bepaalde medicijnen moet hij bijbetalen. Als hij die medicijnen niet neemt, is er kans op een hartstilstand.

Gerard heeft geen werk en leeft van een uitkering. Daarnaast krijgt hij huurtoeslag. Zijn eten haalt hij voor negen euro in de week bij de Voedselbank. Hij heeft verschillende schulden. Zo was hij bijvoorbeeld vijftig euro verschuldigd aan de Amersfoortse Verzekeringen. In eerste instantie weigerde hij die rekening te betalen. Hij had de verzekeringspolis waarvoor die rekening liep namelijk al vier maanden eerder opgezegd. Bovendien kon hij niet zomaar vijftig euro missen. Stik er maar in, dacht hij. Maar toen dreigden ze met een rechtszaak. Uiteindelijk werd een regeling getroffen om die vijftig euro in twee keer te betalen. Kreeg hij er een paar maanden later nog een rekening achteraan van de bemiddelaar. Moest hij nóg eens vijftig euro betalen. Voor de servicekosten. Hij schudt spottend zijn hoofd. Dat blijkt gewoon te mogen.

Een andere schuld van Gerard loopt bij de gemeentekredietbank. Dat is een schuld van negentienhonderd euro. Hij leende het bedrag toen hij op vakantie wilde naar Jacoba. Waarom zoveel? Gerard lacht verbaasd om de vraag. Negentienhonderd euro was het maximum. Waarom zou hij dan minder lenen? Het stomme is alleen dat hij al andere schulden had toen hij dat bedrag bij de kredietbank leende. Het grootste gedeelte ging op aan het afbetalen van die oude schulden. Dat gebeurde automatisch, buiten Gerard om. Uiteindelijk hield hij maar driehonderd euro over. Kon hij helemaal niet van naar Suriname, natuurlijk. Dus dat was een tegenvaller. Ach ja.

Het grootste probleem heeft Gerard op dit moment bij de Belastingdienst. In 2013 zette hij een eigen bedrijfje op als geluidsman. Dat deed hij op advies van Patrick, een vriend die hij in de kerk had leren kennen. Patrick zou de boekhouding doen, Gerard hoefde er niet naar om te kijken. Begin 2016 kreeg Gerard ineens een brief van de Belastingdienst. Dat ze zijn bedrijfsboeken wilden inzien. Gerard was net van plan naar België te verhuizen. Jacoba zou daar makkelijker een verblijfsvergunning kunnen krijgen, Gerard zou er iets gaan doen met toerisme. Vanwege de terroristische aanslagen liep dat plan vertraging op. “Als ik in België had gezeten, zou ik die hele brief niet hebben gezien,” zegt Gerard nu.

Patrick bleek 277.000 euro btw namens Gerard te hebben teruggevraagd. Gerard wist van niets. “U bent blijkbaar rijk,” zei de belastinginspecteur aan de telefoon. Toen die later bij Gerard thuiskwam, bleek Patrick al het papierwerk los in de laatjes van Gerards bureau te hebben gestopt. “Wat hebt u er een puinhoop van gemaakt,” zei de inspecteur. Met Patrick was geen contact te krijgen. Een week na dat eerste bezoek liet de inspecteur Gerard een foto zien. Was dat ‘m soms? Patrick bleek meer mensen te hebben opgelicht. De Belastingdienst onderzoekt nu hoe groot het bedrag is dat Gerard moet gaan terugbetalen.

Vroeger had Gerard zoiets meteen in de gaten gehad. Hij vertrouwde niemand. Hij  was zelf crimineel. Maar sinds hij in 2000 afkickte, begon Gerard aan een leven waarvan hij de handleiding een stuk minder goed kent. Hij heeft alleen de lagere school afgemaakt, kon lang niet met computers omgaan, had geen enkele inhoudelijke expertise. Geen kennis van het burgerlijk bestaan. Via vrijwilligerswerk in de verslavingszorg kwam hij bij het Leger des Heils en de kerk terecht. Zo bouwde hij langzaam een nieuw netwerk op. Toch bestaat dat netwerk voor een belangrijk deel uit mensen die het net als hijzelf moeilijk hebben. Weinig geld te besteden, weinig kennis van de regels.

De eerste zes maanden nadat het onderzoek van de Belastingdienst was gestart, wist niemand waar Gerard naartoe moest voor hulp. Dan werd hij bijvoorbeeld naar een budgetteringscursus gestuurd door het MaDi, een stichting die bewoners van Amsterdam Zuidoost en Diemen helpt bij het oplossen van financiële problemen. Bleek vervolgens dat hij helemaal niet aan de budgetteringscursus kon meedoen omdat hij ex-ondernemer was. Vervolgens werd hij dan naar de Dienst Werk en Inkomen gestuurd. Maar daar konden ze hem niet helpen omdat de hoogte van zijn schulden niet bekend was. Door het MaDi werd hij gekoppeld aan een vrijwilligster bij Humanitas die al snel op vakantie naar Turkije vertrok en nooit meer terugkwam. Ondertussen dacht men bij het MaDi dat Gerard onder de pannen was.

Het onderzoek van de Belastingdienst loopt inmiddels anderhalf jaar. Als dat is afgerond, kan Gerard in de schuldsanering. Dan wordt berekend hoeveel geld hij wekelijks nodig heeft om van te leven. De rest van zijn inkomsten gaan vervolgens naar alle schuldeisers. Tot die tijd blijven alle rekeningen gewoon binnenlopen zonder onderlinge coördinatie.

Sinds september komt wekelijks een meisje van de Regenboog Groep langs. De eerste keer ordende ze de post en rekeningen van de afgelopen jaren. Nu staat alles wat Gerard nodig heeft in keurige multomappen. Inmiddels komt het meisje vooral langs om Gerard te helpen met het beantwoorden van brieven. Inhoudelijk heeft Gerard eigenlijk geen hulp meer nodig, hij is erg goed op de hoogte van zijn situatie. Maar in praktische zin is die hulp welkom. Het invullen is voor Gerard door zijn staar en slechte coördinatie een onbegonnen zaak. Binnenkort is haar stage afgelopen. Ze is op zoek naar een vervolgtraject voor Gerard.