Lady den Heyer runt als vrijwilliger een keer per week de bibliotheek in buurthuis ’t Trefpunt in Duindorp. Dat doet ze inmiddels al vijftien jaar. Sinds haar contract als caissière bij de Albert Heijn werd ontbonden, vond ze nooit meer een nieuwe baan.

Geschreven door Jenny Velthuys

In de hoofdzaal van ’t Trefpunt zitten oude bekenden met elkaar aan de koffie. De bibliotheek is een verdieping hoger. Daar peutert Lady de oude bloemetjes uit enkele kamerplanten. Die ochtend zullen er twee mensen langskomen. Een van hen is een oudere dame met blond geverfd haar “Hoe vond je de boeken?”, vraagt Lady. “Mwah. Maar ik heb ze uitgelezen, dus…” In de stellages staan streekromans, thrillers en detectives. Samen gaan ze op zoek naar iets nieuws. Ondertussen hebben ze een beleefdheidsbabbel. “Hoe gaat het?” vraagt de dame met het geblondeerde haar. “Ik heb weer slecht nieuws,” begint Lady te vertellen. “Ik moet misschien opnieuw weer bestraling krijgen. Mijn broer uit Engeland was laatst op bezoek. Ik heb tegen hem gezegd: ik kap d’r mee. Geen behandelingen meer. Ik ben op.”

De mevrouw met het blond geverfde haar schudt meelevend haar hoofd. “Wat vervelend voor je.” Ze kijkt naar de uitgang. Lady blijft praten. Ondertussen heeft de mevrouw haar armen over elkaar. Ze knikt maar zet telkens een klein stapje richting de deur. “Voor mij hoeft het niet meer,” zegt Lady. “Dat kan ik niet voor je bepalen,” zegt haar klant. Na een paar minuten is het gesprek afgerond. “Nou sterkte ermee,” zegt de vrouw nog in de deuropening. “Dahaag.”

Eenzaam

Als ze eerlijk moet zijn, voelt Lady zich best wel vaak eenzaam. Ze is nooit getrouwd en heeft geen kinderen. Toen haar oudere zus in 1992 overleed, nam Lady de zorg voor haar drie kinderen op zich. Een meisje en twee jongens. Ze heeft ze al jaren niet meer gezien. Op een dag kregen ze ruzie met de moeder van Lady. Lady weet niet waarover het ging. Daarna hebben ze nooit meer contact gehad. Ze heeft nog weleens een vriendschapsverzoek gestuurd via Facebook, maar daar reageren ze niet op. “Mijn moeder kon nogal hard zijn. En ze was erg bezitterig. Ik heb geen idee wat ze gezegd heeft.”

Lady heeft grote meisjesachtige ogen in een mager gezicht. Ze is het nakomertje in een gezin van vier kinderen. Toen ze vijf was, scheidden haar ouders. Haar vader was een Scheveninger, doordeweeks zat hij altijd op zee. Haar moeder was van oorsprong Amsterdamse. Daarom houdt Lady erg van Amsterdam. Ze had altijd een ingewikkelde relatie met haar moeder. Aan de ene kant vindt ze dat ze goed is opgevoed, maar tegelijkertijd was ze ook bang voor haar.

Soms denkt ze dat haar moeder de reden is dat ze nu geen man heeft. Ze heeft weleens relaties gehad, maar haar moeder was altijd zo kritisch dat Lady nooit echt voor haar vriendjes durfde te kiezen. Toen haar moeder in 2004 overleed, werd Lady hecht met haar oudere broer. “Wij zijn allebei nooit getrouwd.” Tien jaar lang deden ze alles samen. Tot hij ook ziek werd. In 2013 overleed hij. Een jaar later kreeg Lady te horen dat ze borstkanker had. Maar inmiddels was er niemand meer om mee te gaan als ze naar het ziekenhuis moest.

Na een borstbesparende operatie In Leidschendam moest ze met de taxi naar huis en zat ze drie dagen in huis zonder eten. Haar buren durfde ze niet om hulp te vragen. Na het overlijden van haar broer had ze al meegemaakt hoe moeilijk mensen het vonden om nog met haar te praten. Nu ze zelf ziek was, merkte ze het weer. ,,De mensen begonnen me te mijden.”

Lees hier wat Sandra Charlouis, coördinator van de Sociaal Wijkzorgteams Scheveningen Park en Strand over eenzaamheid schrijft.

Het was inmiddels ook alweer ruim tien jaar geleden dat ze voor het laatst collega’s had gehad. Haar langste baan was bij de Albert Heijn geweest. Ze heeft er ruim tien jaar gewerkt, tot een nieuwe bedrijfsleider haar ontsloeg. Daarna ontving ze twee jaar een uitkering. In haar herinnering hoefde ze daar niets voor te doen, ook niet te solliciteren. Daarna ging ze de Sociale Dienst in. Toen moest ze wel solliciteren. Een baan heeft dat niet opgeleverd.

Soms heeft ze nachtmerries over haar broer. Ze heeft het gevoel dat ze het niet goed heeft gedaan, dat ze hem niet goed geholpen heeft. Ze praat er nooit met iemand over, ze zou niet weten met wie. Sinds twee jaar heeft ze een hondje. Daar is ze gek op. En ze verzint van alles om zichzelf bezig te houden. Op dit moment is ze bijvoorbeeld enkele oude meubels aan het overschilderen. Van grenen naar grijswit.

Praatclub

“De laatste tijd betrap ik mezelf erop dat ik in mezelf sta te lullen,” zegt ze. Was er maar een praatclub voor mensen zoals zij. Ze heeft er weleens bij het ziekenhuis naar geïnformeerd. Er zijn wel praatclubs voor mensen die middenin hun rouwverwerking zitten, maar dat is niet wat Lady bedoelt. Ze wil liever bij een club met andere mensen die ook alleen zijn. Ze is vast niet enige. Een jaar geleden deed ze mee aan een cursus om vrienden te maken. Ze is naar alle tien bijeenkomsten geweest. Een week na afloop reageerden de andere deelnemers niet meer op haar berichtjes.

Het is moeilijk om vrienden te maken als je niet gelukkig bent. Lady leeft eigenlijk een beetje in het verleden. Er gaat iets drukkends van haar uit. Ze oogt onzeker. Maar wanneer ze lacht, kun je je ineens voorstellen hoe anders dat zou kunnen zijn.

Als Lady nu in de Albert Heijn komt, vindt ze de meisjes achter de kassa vaak zo slordig. Ze tellen niet goed terug en ze letten er helemaal niet op wat voor spullen je gekocht hebt. Ze schuiven alles maar door. Heel ruw. Terwijl zij vroeger leerde dat je met koekjes bijvoorbeeld voorzichtig moest zijn. “Dan denk ik: ik wou ik dat ik er een uurtje achter kon kruipen. In mijn hart wil ik het liefst weer in een winkel staan. Zodra ik weet hoe mijn gezondheid in elkaar zit, dan durf ik het aan.”

Lady den Heyer is een gefingeerde naam. De mensen op de foto komen niet in het verhaal voor.